De 5 grootste juridische misverstanden over arbeidscontracten
Een arbeidscontract lijkt zekerheid te geven. Werkgever en werknemer zetten hun handtekening en daarmee zijn de afspraken duidelijk.
Maar zo eenvoudig is het arbeidsrecht niet.
Sommige afspraken blijken juridisch niet geldig. Andere bepalingen werken anders dan een werkgever verwacht. En soms staat iets keurig in het contract, maar kan een werknemer zich toch op andere rechten beroepen.
Dit zijn vijf misverstanden die werkgevers regelmatig op het verkeerde been zetten.

Misverstand 1 — “Het staat in het arbeidscontract, dus de werknemer is eraan gebonden.”
Niet iedere afspraak die u met een werknemer maakt, is automatisch geldig. Het arbeidsrecht kent veel regels waarvan u niet zomaar ten nadele van een werknemer kunt afwijken. Een handtekening onder het contract maakt zo’n bepaling niet alsnog rechtsgeldig.

Misverstand 2 — “Een tijdelijk contract eindigt altijd vanzelf.”
Een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd heeft een einddatum, maar daarmee bent u er niet altijd. Denk bijvoorbeeld aan de aanzegverplichting, opvolgende tijdelijke contracten en situaties waarin een werknemer na de einddatum gewoon doorwerkt. Een administratieve vergissing kan onverwachte gevolgen hebben.

Misverstand 3 — “Met een proeftijd kan ik altijd eenvoudig afscheid nemen.”
Een proeftijd geeft veel vrijheid, maar alleen wanneer deze rechtsgeldig is overeengekomen. De duur van het contract, de lengte van de proeftijd en de manier waarop deze is vastgelegd zijn belangrijk. Een ongeldige proeftijd kan betekenen dat een ontslag dat eenvoudig leek, ineens een serieus juridisch probleem wordt.

Misverstand 4 — “Een concurrentiebeding voorkomt dat mijn werknemer naar de concurrent gaat.”
Een concurrentiebeding is geen automatische blokkade. Vooral bij tijdelijke contracten gelden strenge eisen. Maar ook bij een geldig beding kan discussie ontstaan over de vraag of de werkgever de werknemer er daadwerkelijk aan mag houden.

Misverstand 5 — “Als iets niet in het contract staat, heb ik het ook niet afgesproken.”
Misschien wel het meest onderschatte misverstand. Arbeidsvoorwaarden kunnen ook ontstaan door een cao, een personeelshandboek, latere afspraken of doordat iets jarenlang op dezelfde manier wordt gedaan. De werkelijke arbeidsrelatie bestaat daarom uit meer dan alleen het document dat bij indiensttreding is ondertekend.
Wat leert de rechtspraak ons eigenlijk?
Rechters kijken niet uitsluitend naar wat er op papier staat.
Ze kijken ook naar de wettelijke regels, een eventuele cao, wat partijen later hebben afgesproken en vooral naar de manier waarop werkgever en werknemer zich in de praktijk hebben gedragen.
Een goed arbeidscontract is daarom belangrijk, maar het is geen juridisch schild.
De grootste risico’s ontstaan vaak niet doordat er helemaal niets is afgesproken, maar doordat een werkgever erop vertrouwt dat wat ooit op papier is gezet nog steeds bepaalt wat juridisch geldt.
En precies daarom is het verstandig om niet alleen naar het arbeidscontract te kijken, maar ook naar wat er daarna in de praktijk is gebeurd.
Mijn juridische analyses
Gratis handboeken


